Willie Beckmans

willie zei hem dat er zuurbassins in verborgen waren. De man had het werk toen in zijn schuur opgeslagen, bang dat die zuurbassins kwaad zouden doen. Maar op een keer was hij er voorzichtig in gaan pulken waar hij dacht dat die zuurbassins zaten, hij haalde er een memorecordertje uit, het deed het nog.
Waarom Willie over zuurbassins begon, waarmee hij vast op de batterijen doelde is onduidelijk, misschien wilde hij stangen. Willie vindt het leuk om mensen op het verkeerde been te zetten. Hij lijkt hierin soms zelfs doordacht te werk te gaan.
Een optreden in Nijmegen van de fab5 waar Willie ook deel van was. Een ander lid van de fab5 vertelt: ‘je moest een trappetje op, door de ingang kruipen en een grote zware bal opzij duwen, iedere keer wanneer je naar de bar wilde voor een pilsje. Er werd wat afgezopen. Hooguit een paar mensen wisten dat in die grote bal de dode kat van Willie zat. De kat was al een poos overleden en Willie had hem ingebalsemd in een zware plastic bal. Zonder dat ze het wist kon het publiek hier niet omheen, de bal werd keer op keer opzij geduwd.’
Men zei me een keer naar zijn huis te gaan, Willie wilde zijn schilderijen kwijt vanwege ruimtegebrek, je kon een schilderij uitzoeken en meenemen. In het trappenhal lagen objecten van plakband, tapings noemt Willie ze, en in zijn flat was het vol van schilderijen, lijnafbeeldingen met dikke structuurverf van voeten, gepersonifieerde voeten.
Materialen zijn duur en eh..ja een uitkering is dan niet veel. Er was een tijd dat hij vuilnis uit de stofzuigerzak op alchemistische wijze verwerkte tot materiaal. Bij Willie’s performanceachtige openingen werden kunstwerken uit elkaar gehaald, opengesneden, en kwam er bijvoorbeeld lijm uit, ter plekke kon een nieuw werk ontstaan.
Een veiling in februari 2006 in Atelier Artistiek van Edo Zupan aan de Esrein met kunstenaar Wiebe Bloemena als veilingmeester. Een enorme ruimte vol plakbandobjecten, plakbandschilderijen, god, zoveel, en zo mooi, een totale wereld van Willie. Willie moest het kwijt, hij had teveel. En hij wilde doorgaan. 3.400 euro heeft het hem opgebracht, de rest is weggegooid.
Ik weet dat hij al een poos bezig is met een mozaïek. Ik heb hem gesproken door de telefoon, zijn stem, aardig, snel, onzeker. Hij moet rekening houden met teveel, zijn neiging tot manisch worden. Af en toe wordt hij opgenomen in de Opmaat, psychiatrisch ziekenhuis in Hengelo. Zijn neiging tot manisch worden is de reden dat hij momenteel niet verder komt dan deze regio.
Maandagavond in de Opmaat. Er zitten al twee mensen bij hem aan tafel. Een vriend van Willie, en mevrouw Kolsté. Hanneke Kolsté beheert, samen met haar man Eghart, lunchroom/galerie Kolsté in Hengelo. Beiden zijn grote kunstliefhebbers. Hoe komt het dat vijf mensen opeens praten over vliegkamers, nee nee, geen kooi. Met ons vijven springen we van tak naar tak en geen idee van welke boom het is. Soms werkt het zo op m’n lachspieren dat ik zit te schaterlachen om weer een geheel ander onderwerp, terwijl ieder Willie probeert te volgen in zijn gedachtegang. En het is onduidelijk of Willie het zelf ziet. Grote lijnen springen naar kleinere, die allerlei zijtakken hebben en tot slot zitten we ons druk te maken om een zijtak, van een zijtak van een zijtak. En terwijl we het gevoel krijgen te verdwalen in een oerwoud, komt Willie met een grote tak aanzetten. Mevrouw Kolsté maakt spleetoogjes van onbegrip, dan moet ze ook lachen.
Willie’s kennis is enorm. Hij weet erg veel en zijn bagage is onuitputtelijk, een stroom en Willie zegt dat het door de medicijnen komt dat hij warrig is. Maar toch, hij neemt de ander in het ootje door semi-serieus dingen te beweren, maar even later genieten zijn pretogen aanstekelijk. Wie neemt wie in de maling, het is onduidelijk en vermakelijk.

Het mozaïek op tafel is nog niet af. Stukjes witte tegel, grafiet, lijm, ronde magneetjes en tanden met wortel en al, hij vertelt bijna als een kind met speelgoed, ‘dit is een oog en dit is een rotonde, en dit kan heen en weer, kijk en dit is een dop van, waarvan ook al weer, en dat rondje moet erom heen, straks moet het lijm eraf, dan glinstert het ook’, en met een mesje probeert Willie het lijm eraf te pulken, onmogelijk werk lijkt het, maar Willie, hoe chaotisch ook, heeft de tijd, het geduld, ‘met aceton gaat het makkelijker, hier moet toch een stukje grafiet zijn dat glinstert, kijk, je kunt het heen en weer bewegen.’ Alles zo vanzelfsprekend. De kiezen zijn dolfijnen die kleine blauwe balletjes vasthouden. En als je denkt er iets van te begrijpen word je door een object naar een compleet andere ruimtebeleving getrokken. Dat is de gelaagdheid in zijn werk.


En al is de lijntekening op de mozaïek een inktvis, gedetailleerd vertelt hij andere verhalen, losse flarden associaties worden op je afgevuurd. Dan is het een stad, een rotonde, verkeerspleinen en kruispunten, maar ook zee en dolfijnen, een voortdurende stroom associaties.
Willie’s werk is flexibel, het is organisch, en bijna magisch. Je kunt vaak objecten openklappen, ombuigen, draaien, bijeenduwen, eraf halen, erop zetten, zitten. Op een magneetje probeert hij met een tangetje een spiraaltje te plaatsen ’dit kun je er dan op zetten’. Het genot van dingen te kunnen veranderen, de mogelijkheden die het materiaal biedt wil hij de toeschouwer meegeven. Ook dat is de gelaagdheid in zijn werk.
Zoals vaker met kunstwerken, kun je sommige toepassingen gebruiken en projecteren of zien als een gedachtespel. Je kunt het ook gewoon laten zoals het is, met het idee dat er meer achter zit.
De schijnbare eenvoud van de stripachtige tekening, je bent geneigd je te vergissen. De lijntekening leidt je af van het materiaalgebruik, de op speelse wijze geplaatste objecten.
Veel kunstenaars maken werk dat toegespitst is op hun geestelijke situatie, maar als ik er naar vraag, vermijdt Willie me, en wordt hij onduidelijk.
Willie heeft een bewindvoerder die let op hoe hij zijn geld besteedt, ze wil dat hij vloerbedekking koopt voor zijn nieuwe huis, de flat waar hij nu woont wordt gesloopt. En de mensen die Willie kennen lachen om die vloerbedekking, want wat moet Willie met vloerbedekking? Binnen de kortste keren heeft hij het eruit gehaald en maakt hij er een mooi mozaïekwerk van. Willie stoppen met kunst maken is onbegonnen werk. En toch, het is wel de reden dat Willie in een eigen wereld verzinkt en manisch wordt, niet slaapt, vergeet medicijnen in te nemen en ziek wordt.
Willie Beckmans is de prototype van de kunstenaar en als ik een kunstliefhebber spreek in een café in Enschede en ik vraag of hij/zij Willie Beckmans kent, verbaast hun nee me zeer.
Mevrouw Kolsté staat op, ze moet er vandoor, ze moet Willie beloven de volgende keer plakband mee te nemen, dat speciale zwarte plakband die op de trap wordt gebruikt en ook lijm, alles-lijm.
Filmpje (7 1/2 min) over de veiling. De opbrengst was 34.00 euro:


november 20th, 2009 op 2:13
Ik ken Willie ook een beetje. Een aantal jaar geleden heb ik nog een filmpje van hem gemaakt. Hij stelde tentoon bij galerie Broekhuis in Enschede. Het is een schat van een vent. En hij kan je inderdaad onnozel laten voelen, omdat je ineens het gevoel krijgt dat hij je in het ootje neemt. Ik snap dat Diana hier zoveel aandacht aan geeft, want Willie maakt indrukwekkend en verrassend werk. Mooi geschreven stukje!
maart 4th, 2010 op 20:02
Ik schrik me kapot zulk mooi werk voor zo weinig!! Wat kan het toch oneerlijk zijn
maart 4th, 2010 op 22:58
Hoi Cynthia, gaaf dat jij dat ook in ziet!!
Diana